| Back to FG's Homepage |
De reden waarom ik van Rein Knol won op het Ned. Kampioenschap hoogspringen in 1963...
De regels voor de uitslagbepaling luidden toen: a. er wordt gekeken naar het aantal sprongen op de laatst behaalde hoogte. Dan b. naar het totaal aantal foutsprongen over de gehele wedstrijd en vervolgens c. naar het totaal aantal sprongen over de gehele wedstrijd, en is dat nog steeds gelijk dan wordt er barrage gesprongen als het om de 1e plaats gaat.
Welnu: Rein en ik waren altijd aan elkaar gewaagd, maar meestal won hij. Op die dag moest ik in volgorde ná hem springen. Ik deed om hem op een dwaalspoor te brengen bij een bepaalde hoogte mijn trainingspak uit. Hij sprong die hoogte en haalde deze, waarna ik mijn trainingspak weer aantrok en die hoogte oversloeg. We haalden beiden nog één hoogte in dezelfde poging. Omdat hij dus één sprong in de wedstrijd meer had gemaakt dan ik, werd ik winnaar.
Dat vraagteken is voor jou dus ook weer uit de wereld geholpen.
Dankje, Oom jan, dat stukje atletiekgeschiedenis is voorlopig veiliggesteld!
Ook heb ik nu duidelijker op een rij wat er zat en zit achter mijn herinnering dat hij "iets in de sport" deed.:
Jan van Heek
Ook is Jan van Heek Coördinator van het Jeugdfonds van de Vrienden van de KNAU: "Oud-internationals en andere geïnteresseerden doneren geld om jonge talenten op trainingsstages te sturen. Mijn taak is de talenten (zij mogen niet elders gesponsord worden) op te sporen en na toekenning van gelden het geheel te coördineren. Heerlijke hobby!"
"Oom Jan deed iets in de sport." Kennelijk wel ja... Ik heb hem grondig ondervraagd, nu ik hem toch "aan de lijn" heb via Internet:
In wedstrijdverband beoefende sporten:
Dit succes (op zijn 50e werd Jan van Heek ook nog een keer kampioen speerwerpen bij de veteranen) verklaart ook waarom hij "in de atletiek is blijven hangen", zoals hij dat zelf zegt. Vanaf 1958, toen hij al atletiektraining gaf aan de jongste jeugd van AV Holland, tot 1994 is hij atletiek blijven geven. Tot 1968 bij AV Holland en vanaf 1965 tot 1994 als trainingscoördinator bij de Spartaan uit Lisse. Naast de eigen prestaties lukte het ook om anderen tot het erepodium te brengen, want er zijn in die bijna 30-jarige periode veel pupillen Nederlands Kampioen geworden.
In 1990 stelde Jan van Heek bij de Spartaan een trainingsprogramma op voor beginnende lopers. Gedurende 4 maanden tweemaal per week trainen met als afsluiting een 10 km of een halve marathonloop. Jaarlijks komen daar nog steeds zo'n 150 geïnteresseerden op af, onder leiding van inmiddels 20 trainers die een cursus bij de bond hebben gevolgd.
Gedurende die bijna dertig jaar bij de Spartaan gaf hij elk jaar in de periode van half oktober tot half april gezamelijke duintrainingen op de zondagmorgen. De leeftijden varieerden van 13 t/m 70 jaar. Het grootste aantal deelnemers aan een dergelijke groep bedroeg 123. "In mijn uppie dus. Bij de uitleg van de loopvorm ging ik voor overzicht en uitleg op een duintop staan om me verstaanbaar te maken!" In principe deed men ongeacht het niveau dezelfde loopvorm, maar wel gevarieerd naar loopervaring.
In 1963 werd hij bondscoach van de Nederlandse Hoogspringers/sters. Hij is overigens ook bondscoach geweest op de onderdelen estafette (Nederlandse Herenploeg), speerwerpen, kogel en discus. In 1971 en 1972 was hij bovendien trainingscoördinator van de KNAU in voorbereiding op de Olympische Spelen naar München: "Zes weken door het Ministerie benoemd om sporttrainingen te geven, praatjes voor radio en TV te houden, voorlichting te geven aan diverse sportbonden in Suriname en op Curacao."
Jan van Heek was tien jaar hoofdredacteur van het vakblad van de Nederlandse Atletiek Trainers Vereniging en gedurende 20 jaar gaf hij alle cursussen binnen de KNAU voor de opleidingen tot pupillentrainer en tot specialisaties lopen, springen en werpen. Daarnaast schreef hij veel in de vakbladen.
Verder: 10 jaar lid van de Nationale technische commissie en begeleider van landenploegen en individuele atleten bij internationale wedstrijden. De periode van het vele reizen, de wereld zien.
Het mede-auteurschap van de 2 atletiekboeken en alle opgedane ervaringen en overgedragen kennis waren enkele jaren geleden voor de Atletiekbond aanleiding om Jan van Heek het Unie-erekruis in goud uit te reiken. Daarmee is hij in een klein maar illuster gezelschap: alleen Fanny Blankers-Koen (4-voudig Olympisch kampioene in 1948), Ir. Ad Paulen (voormalig IOC-lid) en Eef Kamerbeek hebben ooit deze onderscheiding ontvangen.
Een lintje nog? Nee, dat zat er wel in bij zijn afscheid in 2000 maar dat wees Jan af. Waarom? "Omdat er altijd sprake was van enige vorm van vergoeding. En er zijn zoveel vrijwilligers die nooit een lintje hebben gekregen dat ik me tegenover die mensen zou schamen. Vandaar."
Kijk, en daar ben ik nu trots op. Mijn oom Jan "heeft wat in de sport gedaan." Dat kun je wel zeggen.
![]() |