| Back to FG's Homepage |
Gisteren liep ik bijna anderhalf uur met Veerle door het boerenland hier in de buurt van de Arnhemse nieuwbouwwijk. We verkeken ons wat nonchalant op de route, want we wisten niet hoe die weg in het donker precies liep. Het viel me op dat ik, nu ik niet alleen liep, langer vaart kon houden en minder rust nodig had om op adem te komen. Nu kon ik ook testen of ik nog kon converseren, want ze zeggen wel dat je in het begin net zo hard moet lopen dat je nog gemakkelijk een gesprek kan voeren, maar hoe doe je dat alleen? Ik ga niet hardop tegen mezelf lopen praten en om nu de mobiele telefoon te trekken zodra er andere mensen zijn, zodat die kunnen denken dat ik met iemand zaken loop te doen, dat ziet er ook weer zo patserig uit...
We hebben elkaars tempo aangehouden en dat beviel goed. Veerle's conditie van het lopen op de band van de sportschool is wat verminderd doordat ze al een poosje niet is gegaan, mijn conditie is nog in oprichting en samen liep dat mooi gelijk op. De stille stukken weg in het donker (veel wolken, hier en daar een ster, geen lantarenpalen) waren interessant, die hele weidse Hollandse vlakte om ons heen, met maar enkele huizen in de buurt en in de verte de spotlights op de kerken van Arnhem en Huissen, en de brede sloot langs de weg waar telkens eenden opvlogen of zwemmend overstaken, van ons vandaan, voor alle zekerheid want wie weet hadden we wel zo'n sluiperige rothond mee.
Op een gegeven moment werden we wel moe en de spieren verloren hun bluf, maar als we het te lang wandelden dan werd het toch wel erg fris. Dus weer in looppas. Veerle, die alleen virtuele afstanden heeft afgelegd op de loopband van de sportschool, keek regelmatig verbaasd om zich heen als ze tot zich door liet dringen hoe ver we overal vandaan waren en wat voor een verrassend grote afstand je gemakkelijk te voet kunt afleggen in betrekkelijk korte tijd. Dat is een van de opvallendste sensaties, ook voor mij als beginnende loper: je gaat de omgeving met een nieuwe maat bekijken en je eigen omgeving bezien vanaf nieuwe standpunten die toch altijd vlakbij waren. Naar de winkels of naar de binnenstad gaan we met de fiets, verdere afstanden met de trein en lopend alleen naar de brievenbus. Nu is er een actieradius bijgekomen, een die alle plekken omvat waar je in een goed tempo lopend naartoe, tussendoor, omheen kunt, zonder ander doel dan ervan te genieten. Het is bijna zoiets als de nieuwe ruimte die er ineens blijkt te bestaan als je gaat zweefvliegen: je kijkt, zeker na je eerste solovlucht, voor altijd anders naar de lucht boven je, die honderden meters boven je hoofd, onder de wolken, daar kun je naartoe en daar kun je doorheen! Net zo is mijn begaanbare wereld nu al wijdser geworden door het lopen.
Toen we thuiskwamen, had Veerle een pijnlijke plek aan een van d'r voeten. Ze had die zwaar gekreukelde Adidassen al een jaar, dus die zijn intussen wel met haar voeten vergroeid, maar voor een stevige loop zijn ze ongeschikt. Demping zit er ook niet (meer) in dus vandaag zijn we naar de loperswinkel in de Weverstraat geweest. Ik kon de verkoper daar vertellen hoe het zit met de wasvoorschriften en hij liet Veerle op de band lopen, met een videocamera achter haar hielen. Op een groot scherm daarboven zagen we haar live lopen en naderhand bekeken we de manier waarop ze haar voeten neerzet in slow motion.
Dat was tenminste de bedoeling, maar de record-knop was niet wakker geworden dus bij het terugkijken zagen we korte flitsen van klanten die ons zijn voorgegaan. Een liep er als een eend, met flapperende voeten, een ander hield de knieën zoveel mogelijk bij elkaar alsof die met een strak rokje tot op de knieën liep en tenslotte liep daar een Echte Loper, blote voeten in de renschoenen, de hielen en tenen recht, flink gespierd, een paar gortdroge onderbenen die zonder mankeren tien meter, tien kilometer, 70 kilometer konden gaan, dat zag je zo. Kuiten met een missie.
Daarna kwam Veerle toch in beeld en de verkoper liet ons zien dat ze haar linkervoet heel iets naar buiten laat leunen en de rechtervoet net iets meer. Dat is altijd zo, vertelde hij, de rechervoet heeft dat net wat meer dan de linker. Hoe dat zo kwam, en waarom dat zo is bij links- en rechtshandigen, dat wist hij niet, maar dat was ook wel een lastige vraag denk ik. Ik zou graag weten hoe dat zit.
Al met al waren haar voeten vrij normaal voor wat betreft de manier van lopen. Ik heb ze lekker schoenen laten passen en overleggen, en intussen keek ik naar een reflectorknipperarmband die op de donkere wegen van gisteravond misschien een duidelijker beeld geeft voor de heel af en toe passerende wagen. Zo'n auto komt aanscheuren en pas op de laatste meters wordt duidelijk dat hij je niet heeft gezien, of dat de chauffeur toch heeft gekozen voor zijn no-claim. Zodra hij voorbij is, is het verblindende licht van de koplampen ook weg en lijkt het een seconde aardedonker, een licht-vaccuum.
De beenspier die aanvankelijk moeilijk deed, begint te begrijpen wat de bedoeling is. Na een stuk lopen gaat die wel wat stijf staan en hij dreigt pijn te doen maar dat komt er net niet van. Misschien dankzij het rekken en strekken dat we gisteren als voorbereiding deden -- iets dat Veerle heeft opgestoken op de sportschool, dus zo kon ze haar vader op weg helpen.